In de meerderheid van de MKB-overnames die met vreemd vermogen worden gefinancierd, zit een verkoperslening. Dat is geen toeval: banken financieren geen goodwill, en bij een kleine zaak is de goodwill het grootste deel van de prijs. De verkoper vult het gat.
Hoe het werkt
De koper betaalt bij de overdracht een deel van de koopsom; de rest blijft als lening van de verkoper aan de koper staan. De koper lost af in termijnen, met een rente die meestal enkele procenten boven de bankrente ligt. De lening is achtergesteld: gaat het mis, dan wordt de bank eerst terugbetaald. Daarom telt de bank de verkoperslening vaak mee als eigen vermogen van de koper, en daarom kan een overname die eerst niet financierbaar was, het met een verkoperslening wel worden.
Voor de verkoper
Een verkoperslening is een teken van vertrouwen in de koper en in de eigen cijfers, en verhoogt de kans dat de deal doorgaat tegen de gevraagde prijs. Het risico is dat de koper niet betaalt. Leg daarom vast: bedrag, rente, aflossingsschema, wat er gebeurt bij te late betaling, en zekerheden zoals een pandrecht op inventaris of aandelen.
Voor de koper
De verkoperslening verlaagt het eigen geld dat nodig is en houdt de verkoper betrokken bij een goede overdracht. Het voorbeeld van de Kamer van Koophandel: een groothandel van 500.000 euro, een kwart eigen geld, de helft bank, een kwart verkoperslening die pas wordt afgelost nadat de banklening is afgelost.
Verschil met een earn-out
Bij een verkoperslening staat het bedrag vast; bij een earn-out hangt het af van het resultaat na de overname. Een verkoperslening is voor de verkoper zekerder, een earn-out geeft kans op een hogere totaalprijs.
Meer in een bedrijfsovername financieren.
